Tag Archives: verantwoordelijkheid

Open brief: Mijnheer De Leeuw, u kiest niet voor ons, wij kiezen zelf

De open brief heeft zopas de nationale pers bereikt: De Standaard heeft citaten gepubliceerd.

Deze open brief aan Rudy De Leeuw werd geschreven als reactie op diens brief aan de studenten. De brief werd opgesteld door Nick Roskams, student in leuven, met input van collega-studenten zoals ikzelf. De brief is tevens terug te vinden op Facebook als note.

Geachte heer De Leeuw,

Wij hebben met interesse uw open brief gelezen naar aanleiding van de komende staking van 30 januari. Gaandeweg veranderde onze interesse jammer genoeg in ongeloof omdat wij niet akkoord kunnen gaan met uw houding ten aanzien van onze generatie. Uiteraard wensen wij u niet te viseren dus via dit antwoord willen we graag iedereen die de staking verdedigt persoonlijk aanspreken. We pretenderen hier niet te spreken namens onze generatie, maar denken en hopen dat we de gevoelens van een grote groep onder woorden brengen.

 

Uw strijd, niet noodzakelijk de onze

U zegt te strijden voor onze toekomst maar u verzet zich tegen elke maatregel die kan helpen om die toekomst te verzekeren. De sociale zekerheid zal de komende jaren onder grote druk komen te staan, dat weten we allemaal. Eén blik op de bevolkingspiramide zegt meer dan duizend woorden: waar vroeger een brede basis kon voorzien in het onderhoud van een smalle punt, wordt de situatie in de toekomst omgekeerd. In een repartitiesysteem is de conclusie snel bereikt: Onze generatie zal de zorg moeten dragen voor een steeds grotere groep die de arbeidsmarkt reeds verlaten heeft. We zouden onszelf eens de vraag moeten stellen naar de aard van dit systeem. Eigenlijk komt het neer op de speculatie dat er in de toekomst genoeg personen zullen zijn die de lasten zullen dragen, een delicate vooronderstelling. Want wij weten dat we al lang onder de denkbeeldige grens zitten van mensen die veel minder zullen ontvangen dan dat ze zullen moeten bijdragen. Maar het is nu eenmaal het systeem dat we hebben geërfd vanuit het verleden. We vragen ons wel af wat er zou gebeuren als een privaat  persoon vandaag een soortgelijk piramidespel zou opzetten…

Iedereen beseft dus dat maatregelen niet kunnen uitblijven. Want laat ons eerlijk wezen: de sociale zekerheid heeft in het verleden excessen gekend die op zijn minst bedenkelijk waren. Terwijl de levensduurte steeds toenam, ging de werkelijke pensioenleeftijd steeds naar omlaag. De verschillende vormen van gelijkgestelde periodes namen ook steeds toe, terwijl dit de basis van de piramide erodeerde. En zo zijn er tal van voorbeelden aan te halen die niet houdbaar zijn naarmate we de periode van vergrijzing naderen.

Gelukkig is er vandaag een toenemende ‘sense of urgency’ en worden er een paar knopen doorgehakt, maar hierbij moeten we opmerken dat de vakbonden zich jarenlang hebben gewenteld in een haast blinde ontkenning van deze problematiek. Elke poging om het debat te openen werd steeds door u en uw collega’s beantwoord met drie woorden: “Verworven rechten. Afblijven!”. Maar wat zijn verworven rechten waard als ze onbetaalbaar dreigen te worden? En wat betekenen die verworven rechten voor degenen die ze niet genieten maar wel moeten betalen? Wij hebben veel respect voor degenen die gedurende vele jaren moesten bijdragen aan de sociale zekerheid en wij willen geen generatieconflict met hen. Maar als er geen rationalisering komt van het ganse sociale zekerheidssysteem dan worden uw verworven rechten onze geërfde lasten. Het zou ons te ver leiden om in te gaan op de concrete maatregelen van de regering, ook wij vinden dit zeker geen ideaal compromis. Maar we willen u wel wijzen op het volgende: Zolang u vanuit die conservatieve reflex elke herziening van het sociaal model weigert, brengt u onze generatie in gevaar.

En dus kiest het ABVV, samen met ACV en ACLVB, voor een staking. Een staking die, zoals u zelf zegt, degenen treft die er niet eens door geviseerd worden. Sterker nog: de staking raakt hen wiens toekomst in de balans hangt als er geen hervormingen worden doorgevoerd.

U zegt dat er in ons land niet meer gestaakt wordt dan in andere Europese landen. We hoeven u hierop niet tegen te spreken. Maar we zijn wel het enige land waar er zoveel gelijkgestelde periodes meetellen voor het pensioen. We zijn ook het enige land waar je van werkloos zijn een beroep kunt maken, je leven lang. We zijn ook een land met één van de hoogste schuldgraden én dito belastingdruk. We willen niet beweren dat we blindelings het voorbeeld van anderen moeten volgen. Maar er is wel een reden waarom velen er beter voorstaan dan wij: zij hervormen hun systeem dat te bureaucratisch en te kwistig dreigt te worden. En dat lukt niet louter met de slogan ‘Meer belastingen!’, zeker niet in een land als België.

Eén van uw voornaamste argumenten is het gebrek aan overleg en het feit dat het akkoord een ondemocratisch gehalte heeft. Maar vernamen wij onlangs niet dat de vakbonden inspraak hebben gehad bij het opstellen van de teksten? En zijn de voorstellen niet gestemd door het parlement? Om misverstanden te voorkomen: wij zijn geen politieke naïevelingen met een blind vertrouwen in de wetgever, maar u noemt zichzelf een verdediger van de democratie. Dus wat vraagt u eigenlijk: democratie of een vetorecht voor vakbonden? En zou u soms ook kunnen leiden aan verkiezingskoorts, de komende maand mei indachtig?

U beweert dat de strijd die u voert, een strijd is die ook onze generatie ten goede komt, maar u laat weinig ruimte voor de mening die wij daarover hebben. Als voorbeeld haalt u de indexering van de lonen aan. U heeft waarschijnlijk niet in overweging genomen dat onze generatie de mogelijke nadelen van indexering weet in te schatten, en deze misschien niet eens wilt behouden. Hetzelfde geldt voor het rigide karakter van de arbeidsregulering en de hoge loonlasten die onze kansen op de arbeidsmarkt bemoeilijken. Misschien zou u die standpunten van de jongere generatie eens moeten aftoetsen vooraleer u besluit hen te gaan vertegenwoordigen.

 

Vakbonden van vroeger en nu

De polemiek van de laatste weken is voor ons een voorbeeld van hoe de vakbonden van vandaag slechts een schim zijn van hun voorgangers. Mogen wij u eraan herinneren dat vakbonden, mutualiteiten, werkloosheidskassen, enz. ooit begonnen zijn als vrijwillige verenigingen? In die tijden leverden ze schitterend werk in het voorzien van sociale zekerheid voor hun leden. Maar ze moesten ook moeite doen om leden te werven en dus moest hun systeem een combinatie zijn van solidariteit en duurzaamheid.

Vandaag zijn de werknemers- én werkgeversorganisaties dermate geworteld in het politieke systeem dat die positieve concurrentie niet meer speelt. Want er bestaat nauwelijks een politiek beheersorgaan, vaak ook buiten de sociale zekerheid, waar de vakbonden en werkgevers niet in vertegenwoordigd zijn. Deze organisaties lijken zich nu te beperken tot het angstvallig vastklampen aan hun macht. En dat vinden wij spijtig. Want ondanks de macht die de vakbonden hebben vergaard, komen hun belangen niet altijd overeen met de belangen van ‘de kleintjes’, zoals u ze zelf noemt. Uw organisatie is geen kleintje: u beheert miljarden belastinggeld, samen met de werkgevers. De vakbonden genieten bovendien van wettelijke privileges die u in andere sectoren bekritiseert. Zo pleit u tegen het bestaan van monopolistische marktspelers maar hebt u zelf wel wetgeving op zak die het oprichten van nieuwe vakbonden nagenoeg onmogelijk maakt. U beweert dat uw stakingskassen niet gespijsd worden met belastinggeld maar weigert wel elke vorm van inzicht in de financiën van de vakbonden. En dat terwijl de rekeningen van bedrijven door de overheid en door u worden uitgepluisd in een zoektocht naar de minste onregelmatigheid.

Wij houden niet van het ‘wij-zij-verhaal’ dat u brengt, de realiteit is veel complexer. Het ABVV heeft ook een eigen agenda, eigen belangen en dat is perfect normaal. U vertegenwoordigt uw leden en probeert de positie van uw vakverbond te handhaven. Maar dat betekent niet dat u zich zomaar kunt opwerpen tot verdediger van ‘jan en alleman’, en dat ten koste van eender wat.

Om even op dat punt in te gaan, ter verduidelijking: De uiteindelijke doelen die wij willen bereiken liggen wellicht niet zo ver van de uwe. Ook wij hechten belang aan solidariteit, al zal onze definitie misschien verschillen van de uwe. Ook wij kiezen voor een samenleving waarin het ‘wij’ een belangrijke plaats krijgt. Maar dat betekent niet dat bepaalde personen of instellingen het monopolie moeten krijgen om de mening van het ‘wij’ te vertolken. En dat betekent ook niet dat die instellingen hun regels mogen opleggen aan personen die er geen lid zijn, of dat die organisaties zich mogen verschuilen in de duistere hoekjes van het recht, zonder aansprakelijkheid voor hun daden of transparantie van hun werking. Die excessen, die u stelselmatig verdedigt, zijn voor ons een brug te ver.

Een voormalige slogan van het ABVV is het perfecte voorbeeld voor uw dubbelzinnige retoriek: “Wij kiezen voor u!”. Dezelfde dubbele betekenis vindt u terug in de titel van deze brief. Die dubbelzinnigheid is hier volgens ons op zijn plaats: een organisatie als de uwe, met al haar gevestigde belangen, kunnen wij niet beschouwen als een volledig onpartijdige en onbaatzuchtige entiteit, hoe vaak u dat ook herhaalt. Uw belangen zijn niet noodzakelijk de onze en wij hadden liever dat ze niet in het stakingspiket werden vereenzelvigd.

 

Geef ons de keuze

Ondanks onze meningsverschillen, willen wij geloven dat u het goed meent met onze generatie, en met personen die het niet eens zijn met de staking. Als u belang hecht aan hun mening dan wordt het tijd dat u hen erkent als volwaardige gesprekspartners in plaats van personen waaraan u zichzelf van tijd tot tijd komt verantwoorden. Want u moet er niet van uitgaan dat de keuzes die uw generatie, binnen een politiek kader, heeft gemaakt ook de keuzes zijn die wij willen aanvaarden. Wij hebben het recht om onze eigen keuzes te maken en lopen niet graag in een karkas dat onze voorgangers hebben opgelegd. Verbondenheid en solidariteit, ja; maar een blinde aanvaarding? Nee, bedankt.

Eigenlijk appreciëren wij uw poging om ons te overtuigen. Want laat ons eerlijk zijn: u hoeft ons eigenlijk niet te overtuigen, het sociaal systeem dat u verdedigt laat ons geen keuze. Of we ons nu aansluiten bij een vakbond of niet: u onderhandelt de normen die ons worden opgelegd. Indien werknemers al dan niet besluiten om te staken: de militanten zullen de poorten toch vergrendelen, ook voor de werkwilligen. Of men nu schade ondervindt door de stakingen of niet: de vakbonden kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele onregelmatigheden. Het feit dat we met ons eigen geld willen investeren in onze pensioenen of eerder in onze gezondheid, het maakt allemaal niets uit: de sociale zekerheid, die u mee beheert, maakt deze keuzes ‘voor ons’. En ze maakt die keuzes soms verkeerd, zoals we nu kunnen zien.

Hoe moet het dan anders? Dat is een discussie die dit antwoord overstijgt maar we zijn bereid om ze mee te voeren. Als antwoord op uw brief willen we besluiten met een opmerking die een oplossing kan bieden voor onze kritiek. Velen verwijten de jongere generaties apathie voor de problemen van vandaag maar we weten dat u niet behoort tot deze criticasters. En we hopen dat u ons antwoord ter harte zult nemen.

Als u werkelijk wilt opkomen voor de belangen van de werknemers, en wij geloven dat dat uw doel is, dan moet u ze in de eerste plaats de mogelijkheid geven om te kiezen. Wij waarderen niet dat uw zelfverklaarde strijd voor onze rechten aan ons wordt gepresenteerd als een fait accompli. Uw doelen mogen dan wel nobel zijn, als u de manier verdedigt waarop ze aan ons worden opgedrongen, dan plaveit u mogelijks de weg voor andere doelen in de toekomst die misschien niet zo nobel zullen zijn. Een systeem dat sociale bescherming wenst te bekomen, zonder zich te bekommeren om de concrete situatie of de mening van de betrokkenen kunnen we geen sociaal systeem noemen. En toch is dat de situatie van vandaag.

Wat zijn dan de alternatieven? Sta ons toe om slechts twee voorbeelden te geven. We beseffen dat de realiteit complex is dus beperken we ons tot de principes die de grondslag ervan vormen. In Duitsland zijn collectieve arbeidsovereenkomsten alleen van toepassing op diegenen die lid zijn van de organisaties die aan de onderhandelingstafel zitten. Daar kiest men zijn vakbond aan de hand van reputatie en de soort sociale politiek die men voorstaat. Degenen die zich niet wensen te onderwerpen aan de afgesproken regels die kiest voor een individuele contractuele regeling. De keuze is aan de werknemer. Het andere voorbeeld betreft het pensioenstelsel van Chili. Daar is men al een tijd geleden overgestapt naar een kapitalisatiesysteem dat men gaandeweg heeft uitbesteed. Werknemers kiezen bij welke instelling zij hun pensioen willen onderbrengen. Dit systeem biedt een hoog rendement en transparantie, wat wij vandaag vaak ontbreken. Argentinië, Colombia en Peru zijn dit voorbeeld reeds gevolgd. De keuze is aan de pensioenspaarder.

Wat wij hiermee willen aantonen is dat de vakbonden een actievere rol kunnen spelen in het beheer van de verschillende takken van de sociale zekerheid en op een andere, directere manier dan vandaag. Uiteraard is geen enkel systeem perfect en een knip-en-plak-oplossing is niet wat wij voorstaan. Maar de principes achter de voorbeelden kunnen we zeker onderschrijven. Zoals vroeger kunnen vakbonden hun eigen kassen gaan uitbaten op het vlak van werkloosheid, pensioenen, enz. Met de mogelijkheden van vandaag zijn er vele opties om dit te doen. En de mate van solidariteit en overheidstussenkomst is een onderwerp voor discussie, maar wederom zou het ons afleiden van het doel van deze brief.

Een staking zou in de geschetste omstandigheden minder snel noodzakelijk worden. In plaats van te vechten voor uw gelijk binnen de politiek zou u immers zelf beslissen welke sociale politiek u voert binnen het geheel van sociale zekerheidsinstellingen. Op deze manier omzeilt u de noodzaak om te ageren tegen de politiek, u zou uw zaak voorleggen aan de mensen zelf. En een succesvol beleid zou u meer leden opleveren. Een dergelijke ‘terugkeer naar uw wortels’, waarbij vakbonden verenigingen van werknemers zijn in plaats van een onderdeel van de politieke instituties, zou wel eens een oplossing kunnen zijn voor de structurele problemen die wij hebben geschetst. Het zou uw betoog ook overtuigender maken. Als u vertrouwen hebt in de meerwaarde van de vakbonden dan mogen deze voorstellen u niet afschrikken. Integendeel: dan grijpt u ze met beide handen want het is een ideale kans om het nut en de invloed van de vakbonden te bewijzen. Het enige wat u verliest is de smet van partijdigheid, omdat u nu verweven bent in het politieke beheer. Ook de jongere generaties liggen dan opnieuw voor u open. Een systeem van repartitie creëert steeds tegenstellingen tussen betalers en ontvangers. Maar naar onze mening, en hopelijk de uwe, behoort elk lid evenwaardig te zijn, zonder te veel tegenstellingen in het gezamenlijk belang.

 

Conclusie

Als structuren willen overleven dan moeten ze veranderen. Het vastklampen aan het verleden heeft nog nooit veel positieve resultaten opgeleverd. Dat geldt voor de sociale zekerheid en dat geldt, volgens ons, ook voor de vakbonden. Want in hun huidige vorm zijn zij vaak een struikelblok voor de jongere generaties die evenveel recht hebben op economisch zelfbeschikking als de generatie waarvan wij met plezier het werk overnemen.

Wij danken u voor de moeite die u heeft gedaan om een open brief aan de studenten te richten. Maar we zijn niet de enigen die last zullen ondervinden van uw staking. Massa’s mensen die wel willen werken of andere bezigheden hebben gepland, zullen ook worden getroffen. Via verschillende kanalen en media blijkt dat zij, als werkenden, ook hun ongenoegen uiten over de situatie. En zij hebben in de eerste plaats recht op aandacht en afdoende uitleg.

Met vriendelijke groeten,

Nick Roskams
&
Bob van der Vleuten

Pleidooi voor spontane solidariteit

Onderstaande tekst werd gepubliceerd als opiniestuk op de website van LVSV Hasselt. I’ve also translated it to English and that version can be read on the website of Students for Liberty.

Het is mij de laatste weken opgevallen dat het geloof in een spontane interpersoonlijke solidariteit in dit land in het slop zit. Wat mij vooral trof was het ongeloof hierin bij een aantal jonge liberalen. Het is volgens mij een van de tekenen dat de maatschappij die wij in dit land kennen erg afhankelijk is geworden van een overheid die aan herverdeling van de welvaart doet. Ook een teken dat zij zelfs de kracht niet meer heeft zich in te beelden dat er ook zonder een al te grote  overheidsinmenging solidariteit tussen personen kan bestaan. Een zeer donker vooruitzicht volgens mij. Het is hoog tijd rechtsomkeer te maken, voor we allemaal van die duistere gedachte doordrongen zijn.

Om een oud – en voor heel wat mensen controversieel – voorbeeld te geven: de verplichte deelname aan sociale zekerheid zoals de werkloosheidsuitkering, pensioenen, etc. Dit is een van de vormen van ‘verplichte solidariteit’ die opgelegd wordt door de overheid – of de electorale meerderheid zo u wil. In weze is er natuurlijk niets mis met een zekere vorm van vangnet voor zij die bijvoorbeeld tussen twee jobs in zitten en het dus even moeilijk hebben, om maar duidelijk te maken dat ik niet tegen solidariteit als concept ben. Waar ik mij niet in vinden kan is de idee dat deze enkel onder dwang van de overheid kan bestaan, een dwang die het individu op geen enkele manier zelf laat beslissen in hoeverre het er aan wil deelnemen.

Laat ik met u delen wat mij overkwam op de herfstuniversiteit van Jong VLD. Tijdens een discussie betreffende het systeem van onze pensioenen en de zoektocht naar een beter systeem opperde ik op een gegeven moment het volgende: “Laat mensen zelf bepalen in welke mate zij solidair willen zijn met anderen, laat mensen hier vrij in zijn” – kort samengevat en geparafraseerd want ik liet ook een opening voor een laag opgelegd minimum of een keuzevenster dat een bepaalde hoeveelheid verzekerde. De reacties van een aantal aanwezigen klonken mij zeer vreemd in de oren, te weten dat dit een zaal gevuld met liberalen was. “Maar dan zal iedereen toch alles voor zich houden … Je moet dan toch een minimum opleggen … die gedachtengang is naïef” Ik ben hiermee natuurlijk allerminst akkoord.

Echter dringt zich dan de volgende vraag op: “waarom denkt men zo? Hoe is het zo ver kunnen komen?”. Mijn antwoord op die vraag is rechtstreeks gelinkt met de huidige staat van onze samenleving en grootschalige organisatie van verplichte solidariteit. Natuurlijk zou niemand in het huidige systeem ervoor kiezen om zelf nog aan enige echte vorm van spontane solidariteit te doen, er is daar totaal geen aanmoedigingsgegeven voor. Men denkt, dankzij het bestaan van de verplichte solidariteit, dat men via de sociale bijdrage al genoeg heeft gedaan – gezien de huidige belastingsdruk en verspilling van de overheid is dat ook zo – en dat het aan de overheid is om te zorgen dat de fondsen goed worden aangewend ter bevordering van ‘de kleine man’. En daar zit dus het probleem: er bestaat een mentaliteit die zowel het gevolg als de oorzaak is voor het bestaan van een verplichte solidariteit. Een systeem dat overigens serieuze barsten vertoont.

De oplossing hiervoor is verder durven kijken dan het rookgordijn der verplichte solidariteit en de emotioneel gevoerde propaganda ervoor. Het is mijn overtuiging dat we nood hebben aan een maatschappij die doordrongen is van de mentaliteit dat we uit eigen beweging voor eenieder in de bres springen als dit nodig is. Zulke mentaliteit kan enkel bestaan indien het individu vrij is van lasten die volgens hem deze noden al invullen. Zonder hoge lasten houden wij meer van onze verdiensten over en hebben we dus meer vrijheid om onze inkomsten naar eigen goeddunken te beheren. Het is dan ook niet meer dan normaal dat een deel hiervan besteed zou worden aan onze medemens

Spontane solidariteit is dus echt niet zo vreemd of radicaal, indien we dit durven inzien zullen we overigens een sociaal voelendere maatschappij hebben dan die we nu kennen.

Ik kan begrijpen dat vele lezers van deze tekst zullen denken: “dit is een pure utopie” en voor een deel dien ik hen gelijk te geven. Het zou een utopie zijn te denken dat de mentaliteitswijziging en beleidsveranderingen die we nodig hebben met een vingerknip kunnen plaatsvinden. Op termijn zit er echter niets anders op: het huidige systeem heeft haar mislukte werking aangetoond en de maatschappelijke voeling van het individu gaat er op achteruit. Het is nu tijd om de koers van het schip te veranderen zodat onze opvolgers kunnen genieten van échte vrijheid, verantwoordelijkheid en spontane solidariteit.

Tenslotte: een verplichte solidariteit is geen solidariteit.

Reactie op vettaks post van Yannick Ottoy

frietjesIn een opiniestuk op kippenvel.org doet Yannick Ottoy het verzet tegen de zogenaamde vettaks af als tijdelijk en vergankelijk, zoals het verzet tegen het algemeen rookverbod. Hij vergelijkt de twee en komt tot de conclusie dat iedereen een vettaks in 2021 vanzelfsprekend zal vinden zoals dat volgens hem nu het geval is met het algemeen rookverbod (iets wat ik alvast erg betwijfel). Mijn reactie zoals te vinden op de kippenvel blog:

Even de logica van de “vettaks” verder uitproberen. Stel we passen niet enkel een taks op vette stoffen toe, want er zijn er nog die in overmaat niet gezond zijn. Stel, we belasten al deze producten extra omwille van die redenen, en voeren dit beleid zeer sterk door. Komen we dan niet eenvoudigweg tot een belasting die toepasbaar is op zo goed als alle niet essentiële levensmiddelen (als die ook al niet belast zouden worden)?

Zal dit uiteindelijk zijn beoogde effect hebben? Ik denk het niet, sterker, dat weet ik wel zeker. Het enige zichtbare effect – want laten we niet vergeten dat Bastiat ons geleerd heeft dat er zaken zijn die we niet zien – is het aansterken van de overheidskas waarbij een bende bureaucraten op inefficiënte wijze zal bepalen hoe het geld gespendeerd moet worden.

Ik heb dan nog niet eens het basisprincipe van persoonlijk vrijheid én verantwoordelijkheid aangehaald.

Als overtuigd liberaal zeg ik hier neen tegen, om bovenstaande redenen. Ik zeg neen tegen het idee dat ‘de overheid’ moet bepalen hoe we ons leven wensen te leven, of onszelf dat nu schaadt of niet. Sinds wanneer is het individu een bezitting geworden van de overheid? Sinds wanneer moet het om die reden ‘beschermd’ worden tegen zichzelf?

Neen tegen dit bemoederende idee. Neen nu en neen over tien jaar!

Inmiddels heeft Yannick Ottoy op de Kippenvel blog een verduidelijkende reactie geplaatst.

Aan Jan Vangrinsven, Apache indiaan

Vandaag publiceerde Jan Vangrinsven openlijk zijn kritiek over de hype die men in de traditionele media opzette omtrent de impact van sociale media tijdens en na het pukkelpop drama. Hoewel ik akkoord ga met een aantal punten die hij maakt ben ik voor het grootste deel niet akkoord en vind ik de toon die hij in zijn tekst gebruikt beneden een respectabel peil. Vandaar dit schrijven aan Jan.

Geachte heer Vangrinsven

U publiceerde op de website apache.be een tekst getiteld: “Twitter en Facebook, asociale media bij het #pp11 drama” en hekelt er het feit dat deze nieuwe media een heldenstatus krijgen toegedicht.

Eerst en vooral wil ik u er op wijzen dat het niet de media zijn die de heldenstatus toegedicht krijgen maar vooral de mensen die, al dan niet met behulp van deze media, hulp wilden bieden aan de uitgeregende en met verstomming geslagen pukkelpopgangers. Indien u de traditionele media goed gevolgd heeft, heeft u kunnen opmerken dat er meer aandacht is gegaan naar de mensen die acties ondernamen en steun betuigden danwel het medium langs dewelke ze dit deden. Ja, er is in de journaals en programma’s als terzake aandacht geschonken aan #hasselthelpt en #pp11 maar dit niet buiten proportie. Het was namelijk de eerste keer dat op een dergelijke virale manier via de nieuwe media gereageerd werd op een drama. Dat dit aandacht krijgt is niet meer dan normaal en dat men het als positief bekijkt is tevens toe te juichen, op die manier is de hele bevolking op de hoogte van de mogelijkheden die een dergelijk medium schept en van de positieve ingesteldheid die onder de gebruikers ervan gedeeld wordt.

U veroordeelt tweeps en facebookers omdat dat zij volgens u een ongeoorloofde geruchtenstroom gestart hebben en beweert dat men door 5 minuten het nieuws te volgen meer te weten kwam. Wel ik moet u het tegendeel vertellen, zeer kort na de betrouwbare gebeurtenissen was het eerste medium waarop er melding was van omgevallen toren en ingestorte tenten wel degelijk Twitter, het was ook de plaats waar voor het eerst foto’s en video’s te zien waren. Gaat u ons misschien vertellen dat beeldmateriaal gedubbelcheckt moet worden als dit 5 minuten na de ramp al beschikbaar is? Of denkt u dat mensen zomaar berichten de wereld in sturen waarin ze rapporteren over een groot aantal gewonden? Het enige echt foute gerucht was dat van het dodental maar dit vond zijn oorsprong niet op Twitter, het ontstond bij de brandweer van Sint Truiden en was al gauw te zien op de websites van, u gelooft uw ogen niet, de traditionele media.

Wat de steunbetuigingen betreft heeft u waarschijnlijk gelijk, die hadden misschien beter via een andere #-tag gecommuniceerd gebleven zodat de informatie makkelijker te scheiden was van de andere berichten omtrent de gebeurtenissen. Dat is een les die we niet moeten vergeten.

Ook geeft u aan dat er enkel soelaas was voor de elite die een smartphone hebben met een dataverbinding. Ik kan beamen dat een niet al te groot percentage van de mensen op de weide in de categorie vallen maar dat wil toch niet zeggen dat het geen nut had? Als 1 persoon een nuttig bericht kan ontvangen en dit doorverteld aan zijn vrienden kan dat meteen een groep mensen helpen. Of denkt u dat bezitters van een smartphone asociale individuen zijn die hun medemens geen blik of woord gunnen? Gezien de daling van de kostprijs van abonnementen en smartphone’s mogen we ervan uitgaan dat meer en meer mensen een dergelijk toestel zullen bezitten en communicatie via dergelijk medium zal toenemen. Niets elitair of asociaal aan dus, gewoon nog een beetje nieuw.

Tenslotte verslok ik mij in mijn koffie toen ik uw vergelijking met de hulp naar Afrika las. Uit uw betoog versta ik dat de pukkelpopgangers verwende tieners zijn die de hulp die hen aangeboden werd niet verdienden omdat er elders in de wereld mensen zijn die er erger aan toe zijn. Als we die logica volgen mijnheer dan mogen we enkel hulp bieden aan de zwaksten op deze aardbol en moet al de rest die een probleem heeft maar wachten. Is het zo’n schande dat mensen iemand een slaapplaats of een lift aanbieden? Het is toch niet dat dergelijke acties uitsluiten dat men ook solidair is met anderen in de wereld, het een sluit het ander hoegenaamd niet uit. We moeten blij zijn dat mensen nog solidair willen zijn na alle verplichte solidariteit die de overheid ons al reeds opdringt.

Mijnheer Vangrinsven, @apache_be noemt uw artikel een vloek temidden een lofzang. Ik noem uw artikel een flauwe tekst van een verzuurd individu dat niet door heeft dat de tijd verandert. Ik hoop dat u uw mening herziet, ze strookt niet met de werkelijkheid.

 

Met vriendelijke groeten

Bob van der Vleuten

Vakbond of bijna-gepensioneerden-bond?

De vakbonden betogen vandaag in Brussel, tijdens het spitsuur, tegen de Europese plannen voor onder meer een mogelijke afschaffing van het index mechanisme en een verhoging van de pensioenleeftijd. Maatregelen die onze economie en welvaart in stand moeten houden, niet enkel voor de huidige generatie werkende mensen maar ook voor de toekomstige generaties.

Foto Betoging

'Fuck You' gericht aan Sarkozy en Merkel, niet echt een blijk van constructiviteit

Blijkbaar hebben de vakbonden daar geen oren naar. “Langer werken om de volgende generatie minder overdreven te belasten? Geen denken aan, wij strijden voor onze achterban.” Ik vraag mij af wat die vakbonden eigenlijk zien als hun achterban. Zijn zij enkel uit op winst of behoud voor hun generatiegenoten? Trekken zij zich dan niets aan van de generatie die hun pensioen, ziekenkas, … zal moeten betalen? Een generatie die nu al te horen krijgt dat zij het minder goed zal hebben dan de vorige.

De vakbonden doen mij meer en meer denken aan bonden voor bijna gepensioneerden die zo snel mogelijk willen stoppen met werken om in de hangmat van het pensioenstelsel te gaan liggen. De vakbonden tonen geen enkele vorm van verantwoordelijkheid of toekomstvisie, het wordt tijd dat ze daar voor boeten met een inperking van hun greep op onze maatschappij. Het wordt tijd dat zij inboeten aan de macht die zij bezitten en uitoefenen zonder enige verantwoordelijkheidszin en tevens met een groot democratisch deficiet.

Het masker van de bijna-bejaarden-bonden valt stilaan af en het is beslist geen mooi zicht!

Update

Bij het herlezen van deze post merk ik dat deze een te grote focus legt op de pensioenleeftijd. Natuurlijk is dit maar één van vele mogelijke maatregelen die de last voor de toekomstige generaties kan verminderen. Doch is het overduidelijk dat de vakbonden ook andere maatregelen ten allen prijzen tegenhouden, een onverantwoordelijke houding. Dat is tevens het standpunt van Jong VLD: houding vakbonden bedreigt toekomst jongeren